Aan het laden

Martini offers Google® Translate as a convenience for visitors to our web site who may not have Dutch as their primary language. Google® Translate provides automated translations, which may result in incorrect or misleading translations. Martini is not responsible for any translations provided by Google® Translate or for any damages or losses arising from the use of or reliance on these translations. Viewers who rely on information through Google® Translate on our web site do so at their own risk.

Go to Google Translate

  1. Home
  2. Folders
  3. Geen menstruatie of niet ongesteld zijn (amenorroe)
Terug naar bovenliggende pagina

Geen menstruatie of niet ongesteld zijn (amenorroe)

Folder

Algemeen

  • Neem altijd een geldig legitimatiebewijs mee (rijbewijs, paspoort of identiteitsbewijs).
  • Heeft u een zorgverzekering in het buitenland? Neem dan ook uw verzekeringspapieren mee.
  • Kunt u om dringende redenen niet komen voor de operatie of het onderzoek? Bel dan met de polikliniek of afdeling.
  • Uw persoonlijke medische gegevens en afspraken bekijken? Dat kan in ons digitale patiëntenportaal Mijn Martini. U kunt met uw DigiD inloggen via www.martiniziekenhuis.nl/mijnmartini.

Inleiding

U heeft geen menstruatie (meer). U wordt dus niet ongesteld. Dat heet amenorroe. In deze folder leest u wat amenorroe is en wat mogelijke oorzaken zijn. Ook leest u welke behandelingen u kunt krijgen. Welke behandeling u krijgt, overlegt u met uw arts. Deze folder is een aanvulling op het gesprek met uw arts.

Amenorroe

Amenorroe betekent ‘niet ongesteld worden’. Een ander woord voor ongesteldheid is menstruatie. De eerste ongesteldheid komt meestal 2 jaar nadat de borsten beginnen te ontwikkelen. Dit is voor de meeste vrouwen tussen het elfde en zestiende jaar. De gemiddelde leeftijd van de eerste menstruatie is 13,2 jaar.

Kenmerken van amenorroe

  • Nog geen ongesteldheid op 16-jarige leeftijd.
  • Nog geen ongesteldheid 5 jaar na het begin van de eerste borstontwikkeling.
  • Langer dan 6 maanden niet meer ongesteld zijn, na een periode wel ongesteld te zijn geweest.

Ongesteld zijn

Om ongesteld te kunnen worden, moet een vrouw in de puberteit zijn. Vanaf die fase sturen haar hersenen hormonen naar de eierstokken en de baarmoeder. Dat zijn de voortplantingsorganen. Deze hormonen zorgen ervoor dat de baarmoeder een slijmvlieslaag (endometrium) opbouwt. Ook zorgen de hormonen dat de eierstokken een eicel loslaten (de eisprong of ovulatie). 

Tijdens de ongesteldheid laat de baarmoeder de slijmvlieslaag los. Die slijmvlieslaag verlaat het lichaam via de vagina, samen met wat bloed. Om ongesteld te worden heeft een vrouw dus bepaalde organen en hormonen nodig. Deze sturen de voortplantingsorganen aan. Als u niet ongesteld bent, heeft dat een reden.

Waarom word ik niet ongesteld?

  • Zwangerschap.
  • Stress of spanningen.
  • (Te) veel sporten.
  • Eetstoornissen, te dun zijn.
  • Obesitas of overgewicht.
  • Het Polycysteus Ovarium Syndroom
  • Problemen met hormonen, zoals schildklierziekten.
  • Langdurige (chronische) ziekten, bijvoorbeeld suikerziekte.
  • Het gebruik van sommige medicijnen.
  • Een aangeboren afwijking van de baarmoeder of vagina.
  • Erfelijke afwijkingen die leiden tot verminderde functie van de eierstokken.
  • Een behandeling – bijvoorbeeld tegen kanker – die leidt tot verminderde functie van de eierstokken.

Onderzoek en diagnose

Om vast te stellen dat u amenorroe heeft, maakt u eerst een afspraak met uw behandelend arts. Uw arts stelt eerst vragen over uw gezondheid. De vragen gaan over lichamelijke problemen, stressmomenten en medicijngebruik. Ook gaat het over eerdere menstruaties, bijvoorbeeld tijdens de puberteit. Verder spreekt u over bewegen, sporten en eetgewoonten.

Na het gesprek krijgt u een lichamelijk onderzoek. Bent u nog nooit ongesteld geweest? Dan kijkt de arts naar puberteitskenmerken. Dat zijn lengte, gewicht, acne en overbeharing. Vaak wordt er ook een echo van uw baarmoeder en eierstokken gemaakt. In overleg met u zal dit via de vagina of via de buik gebeuren. Ook wordt er vaak bloedonderzoek gedaan om te kijken naar uw hormonen.

Mogelijke behandelingen

Welke behandeling het voor u het meest geschikt is, heeft te maken met de oorzaak en uw levensfase. Heeft u bijvoorbeeld een kinderwens? Of zijn er bijkomende klachten, zoals overbeharing? 1 of meerdere van de volgende oplossingen zijn mogelijk:

  • Afvallen of aankomen in gewicht.
  • Uw sportgewoonten veranderen.
  • Bij een kinderwens: beginnen met een medicijn- of hormoonbehandeling. Dit kan de eisprong opwekken.

  • Verwijzing naar een andere specialist.

Uw arts bespreekt samen met u de beste behandeling.

Versie: 20200060 08-2023 Geen menstruatie of niet ongesteld zijn (amenorroe)

Deel via e-mail

Deze website plaatst cookies. Dit doen we om onze site gebruiksvriendelijker te maken, onder andere door analyse van het bezoekersgedrag. Maar u blijft anoniem.