Aan het laden

Martini offers Google® Translate as a convenience for visitors to our web site who may not have Dutch as their primary language. Google® Translate provides automated translations, which may result in incorrect or misleading translations. Martini is not responsible for any translations provided by Google® Translate or for any damages or losses arising from the use of or reliance on these translations. Viewers who rely on information through Google® Translate on our web site do so at their own risk.

Go to Google Translate

  1. Home
  2. Folders
  3. Verwijderen van de schildwachtklier bij een borsttumor
Terug naar bovenliggende pagina

Schildwachtklier verwijderen bij een borsttumor

Folder

Algemeen

  • Neem altijd een geldig legitimatiebewijs mee (rijbewijs, paspoort of identiteitsbewijs).
  • Heeft u een zorgverzekering in het buitenland? Neem dan ook uw verzekeringspapieren mee.
  • Kunt u om dringende redenen niet komen voor de operatie of het onderzoek? Bel dan met de polikliniek of afdeling.
  • Uw persoonlijke medische gegevens en afspraken bekijken? Dat kan in ons digitale patiëntenportaal Mijn Martini. U kunt met uw DigiD inloggen via www.martiniziekenhuis.nl/mijnmartini.

Inleiding

Binnenkort krijgt u een operatie voor de tumor in uw borst. Tijdens deze operatie worden één of meerdere schildwachtklieren in uw oksel verwijderd. Deze behandeling heet de schildwachtklierscan. In deze folder krijgt u uitgebreide informatie over wat deze scan is en hoe deze gaat. Ook leest u wanneer u de uitslag krijgt en wat er daarna gebeurt.

Heeft u de dag voor de operatie griep of koorts? Neemt u dan contact op met de afdeling Preoperatief Spreekuur. U hoort dan of het nodig is om de operatie te verplaatsen.

Over de schildwachtklier

Een schildwachtklier is een lymfeklier die het lymfevocht uit de tumor in de borst opvangt. Uit onderzoek blijkt dat uitzaaiingen vanuit de borst in de schildwachtklier terechtkomen.

De schildwachtklier ligt meestal in de oksel. Heel soms ligt deze klier naast het borstbeen of het sleutelbeen. Soms bestaat de schildwachtklier uit meerdere lymfeklieren.

Voorbereiding

Voor de operatie heeft u gesprek met de verpleegkundig casemanager. Daar krijgt u informatie over hoe alles rondom de operatie gaat. Tijdens dit gesprek krijgt u een datum voor de dagopname en operatie.

Informatieklapper

Verdere informatie over hoe het in het Martini Ziekenhuis gaat, leest u in de informatieklapper. Deze klapper krijgt u van uw verpleegkundig casemanager. Hierin staat alle informatie over mogelijke behandelingen. Ook bevat de klapper een lijst met alle afspraken van de komende tijd.

Preoperatief spreekuur

Voor uw operatie gaat u nog naar het preoperatief spreekuur. Tijdens dit spreekuur krijgt u informatie over medicijngebruik en andere voorbereidingen voor de operatie. U krijgt onder andere informatie over het gebruik van medicijnen. Meer informatie vindt u in de folder Anesthesie en preoperatief spreekuur.

Zo bereidt u zich voor

  • De anesthesioloog vertelt u vanaf welk tijdstip vóór de operatie u nuchter moet blijven. Nuchter blijven betekent dat u niet meer eet en drinkt.
  • Ook raden we aan om te stoppen met alcohol drinken. Stop 24 uur voor de operatie en op de dag van de operatie.
  • Zorg dat uw huid schoon is. Ga voor uw opname in bad of onder de douche, knip uw nagels kort, verwijder nagellak of kunstnagels en gebruik geen crème of make-up.
  • Tijdens de ingreep mag u geen lenzen, piercings of sieraden dragen. Verwijder deze voordat u wordt opgenomen.
  • U mag wel een bril meenemen. Deze kunt u tijdens de opname dragen.

Verdere voorbereidingen
Voor de verdere voorbereidingen volgt u de afspraken die u met uw behandelend arts, de anesthesioloog en de verpleegkundig casemanager hebt gemaakt. Bekijk voor meer informatie de folder  Anesthesie en preoperatief spreekuur.

De opnamedag

U komt de dag vóór of van de operatie naar het ziekenhuis voor de schildwachtklierscan.

De schildwachtklierscan

Het verwijderen van de schildwachtklier is een manier om uitzaaiingen in de oksel op te sporen. Meestal is het noodzakelijk om de schildwachtklier(en) in uw oksel ook te verwijderen. Maar eerst moet de chirurg weten waar de schildwachtklier zit. Daarom krijgt u een schildwachtklierscan.

Schildwachtklieren opsporen

  • Om de schildwachtklier(en) te kunnen opsporen, moet hij eerst zichtbaar worden gemaakt. Dat gebeurt met radioactiviteit. De dag voor de operatie of de ochtend van de operatie, krijgt u een injectie in de borst met de tumor. Deze injectie heeft een kleine, ongevaarlijke hoeveelheid radioactieve stof.
  • De radioactieve stof verplaatst zich via een lymfebaan naar de schildwachtklier. Na een paar uur worden foto’s van de schildwachtklier gemaakt, die door de radioactieve stof te zien is.
  • Daarna bepaalt de radioloog de exacte plek van de schildwachtklier, dit wordt op uw huid aangegeven. Zo weet de chirurg tijdens de operatie precies waar de schildwachtklier zit.
  • Voor alle duidelijkheid: de radioactieve stof maakt de schildwachtklier(en) zichtbaar. Tumoren zijn niet op de foto te zien. Schrik er dus niet van als u de klier(en) op het beeldscherm ziet. Dat is normaal en hoort bij het onderzoek.
  • Bij 1 procent van de mensen is de schildwachtklier niet te vinden. Als dat bij u zo is, dan zal de chirurg hier met u over spreken. Dat gebeurt nog voor de operatie.
  • Tijdens de operatie wordt de schildwachtklier(en) verwijderd. Het verwijderen van de schildwachtklieren helpt om de diagnose te bepalen. De operatie geeft meer informatie over uw ziekte. Daarom noemen we dit een diagnostische operatie.

Over de operatie

Tijdens de operatie bent u onder narcose: u merkt niets van de operatie. Tijdens de narcose kan het zijn dat u een klein beetje blauwe kleurstof in uw borst gespoten krijgt. Dat gebeurt op de plek van de tumor. Deze blauwe kleurstof verplaatst zich via een lymfebaan naar de schildwachtklier. Doordat de schildwachtklier blauw kleurt, kan de chirurg de klier herkennen. Via een sneetje in de oksel kan de chirurg de klier(en) weghalen. Dat doet de chirurg ook bij klier(en) naast het borstbeen.

Na de operatie

Als er blauwe kleurstof is gebruikt, kan uw urine en ontlasting de dag na de operatie een groene kleur hebben. Ook kan uw gezicht er tijdelijk wat grauw uitzien. De blauwe kleurstof kan heel soms een allergische reactie geven.
Sommige patiënten hebben na de operatie last van gevoelsstoornissen. Ook kunt u zenuwpijn krijgen aan de binnenkant van de bovenarm, de zijkant van uw borstkas en in of rondom de oksel. Dit komt doordat de gevoelszenuw onder de oksel is beschadigd. Meestal verdwijnt dit gevoel na een tijdje.

Opnameduur

De duur van de opname hangt af van de operatie die u krijgt. De operatie kan in dagverpleging zijn. Soms kan het langer duren.

Thuis

Thuis kunt u de meeste dingen weer zelf doen, zoals u zelf wassen en licht huishoudelijk werk doen. Als het lukt met uw klachten mag u de activiteiten langzaam uitbreiden. Dat geldt ook voor weer aan het werk gaan. Wat u wanneer kunt doen, hangt af van of u nog een nabehandeling krijgt. En natuurlijk hoe u zich voelt: lichamelijk en geestelijk.

Vermoeidheid

Eenmaal thuis merken veel patiënten dat ze snel moe zijn. Dit kan komen door een combinatie van dingen. Denk hierbij aan de operatie en de narcose, maar ook de spanningen die u voelt bij de diagnose: borstkanker of een voorstadium van borstkanker. Ook kan de nabehandeling u moe maken.

Probeer rustig uit hoeveel uw lichaam aan kan. U bouwt uw conditie weer op door beweging af te wisselen met rust. Hier kunt u begeleiding bij krijgen, vraag hiervoor de fysiotherapeut. Bewegen en goed eten tijdens kanker zorgen dat u tijdens de behandeling zo fit mogelijk blijft. De voeding moet daarom zo veel mogelijk goede voedingsstoffen bevatten.

De uitslag

Het borstklierweefsel wordt onderzocht in het pathologisch laboratorium. Na 7 tot 10 dagen is de uitslag van dit onderzoek bekend. U krijgt een afspraak bij het Academisch Borstcentrum Groningen om de uitslag met de chirurg te bespreken. Bij dit gesprek is een verpleegkundig casemanager aanwezig.

Vervolgtraject: behandeling na de operatie

Tijdens het gesprek over de uitslag krijgt u advies over het vervolgtraject. Dat gaat over welke nabehandeling(en) u de komende tijd krijgt. Het advies wordt gegeven door het multidisciplinair team. Dat is een team met meerdere specialisten die samen kijken wat het beste voor u is.

Mogelijke nabehandelingen

Het advies kan uit 1 of meerdere nabehandelingen bestaan: radiotherapie (bestraling), chemotherapie, anti-hormonale therapie of immunotherapie. Welke nabehandeling(en) u krijgt, hangt af van de uitslag. Dat is pas na de operatie bekend.

In het pathologisch laboratorium kijken ze onder andere of de tumor ruim genoeg is verwijderd. Als dat niet zo is, dan kan het nodig zijn dat u nog een keer geopereerd moet worden. Soms is een combinatie van behandelingen nodig. De chirurg bespreekt met u wat de beste behandeling is.

Versie: 899978 05-2023 verwijderen schildwachtklier

Deel via e-mail

Deze website plaatst cookies. Dit doen we om onze site gebruiksvriendelijker te maken, onder andere door analyse van het bezoekersgedrag. Maar u blijft anoniem.