Aan het laden
  1. Home
  2. Behandelingen en onderzoeken
  3. Prostaat verwijderen met operatierobot (RALP)

Prostaat verwijderen met operatierobot (RALP)

Er zijn verschillende prostaatoperaties. Bij een prostaatkankeroperatie verwijderen we altijd de hele prostaat met de zaadblaasjes. Dit heet een radicale prostatectomie. In het Martini Ziekenhuis werken onze urologen met de Da Vinci operatierobot. Een extra instrument om zo precies mogelijk te kunnen opereren. Door de kleinere operatiewond bent u ook weer sneller op de been. Deze operatie noemen we RALP. Rond deze operatie blijft u 3 dagen bij ons in het ziekenhuis.

Voorbereiding

De operatie gebeurt onder volledige verdoving. Voor de operatie heeft u daarom ook een afspraak op het preoperatief spreekuur. Ook ziet u de bekkenfysiotherapeut. Die leert u om met oefeningen de bekkenbodemspieren te trainen. Hiermee kunt u voor de operatie al starten om ongewenst urineverlies te helpen voorkomen.

Groepsvoorlichting

U wordt ook uitgenodigd voor een groepsvoorlichting op de polikliniek Urologie. Tijdens deze bijeenkomst vertelt de uroloog meer over de operatie en de periode daarna. Ook ontmoet u de arts die u zal opereren.

Fit starten

Om na de operatie snel weer op de been te zijn, moet u voor de operatie zo fit mogelijk zijn. Dat kunt u doen door zoveel mogelijk op uw oude gewicht te blijven. Ook in beweging blijven helpt. Bijvoorbeeld door ieder dag even te wandelen of fietsen. Daarnaast loopt u risico op infectie van de wond of een longontsteking, als u regelmatig rookt, alcohol drinkt of drugs gebruikt. De verpleegkundige kan u advies geven bij het stoppen.

Nuchter zijn

Voor de operatie moet u een lege maag hebben (nuchter zijn). Dat is belangrijk, anders kan de operatie niet doorgaan. Daarom mag u 6 uur voor de operatie niet alles meer eten en drinken. Op de pagina nuchter zijn leest u alles over deze regels. Wel schrijven we u het koolhydraatrijke drankje PreOp voor. Dit helpt om sneller te herstellen.

Ontharen

Uit onderzoek weten we ook dat ontharen van de huid rond de operatieplek infecties kan geven. Onthaar uw buik en lies daarom niet meer in de week voor de operatie.

Opname

Op de dag van de operatie zien we u op de verpleegafdeling Urologie. De verpleegkundige neemt alles nog eens met u door. Ook bewaart zij de medicijnen die u thuis gebruikt voor u. Daarna prikt ze bloed bij u en levert u urine in. ’s Avonds leert u hoe u uzelf een injectie met een bloedverdunnend medicijn geeft. Dit voorkomt bloedpropjes (trombose) in uw bloedvaten na de operatie. Deze injectie zult u 4 weken lang moeten doen.

De operatie

Na de laatste checks brengt de anesthesioloog u onder narcose. U krijgt een slangetje in uw blaas (blaaskatheter). De uroloog maakt een aantal kleine sneetjes in uw buik voor de camera en instrumenten van de operatierobot. Deze instrumenten bestuurt de uroloog vanachter de robot. Uw hele prostaat met de zaadblaasjes wordt zo verwijderd. En eventueel ook de lymfeklieren in het bekken. Uw buik wordt met wat gas opgeblazen om meer werkruimte te hebben. De anesthesiemedewerker en operatieassistent houden u goed in de gaten. Na het verwijderen van de prostaat wordt de blaas opnieuw met de plasbuis verbonden.

Het verwijderde weefsel wordt naar het laboratorium gestuurd voor onderzoek. De uitslag van dit onderzoek hoort u van de zaalarts, of van de uroloog tijdens uw volgende bezoek aan de polikliniek.

Na de operatie

Na de operatie wordt u wakker op de uitslaapkamer (recovery). Hier houden we uw ademhaling en hartslag bijvoorbeeld goed in de gaten. U mag hier geen bezoek ontvangen, maar uw partner of familielid bellen we wel even. U mag drinken, een waterijsje proberen en op de rand van het bed zitten. Na een aantal uur mag u terug naar de verpleegafdeling.

Op de afdeling

Op de verpleegafdeling houdt de verpleegkundige uw hartslag, bloeddruk en wond goed in de gaten. Ook gaat uw regelmatig in een stoel zitten. Dit helpt om de darmen weer op gang te brengen, geen spierkracht te verliezen en beter te ademen. Ook mag u direct weer drinken. Dat is zelfs heel belangrijk. De verpleegkundige helpt u met tips en medicijnen tegen de misselijkheid als dat nodig is.

De eerste dagen

Iedere dag ziet u de zaalarts of uroloog. U krijgt pijnstillers en medicijnen voor uw darmen. Het is goed om 6 tot 8 uur per dag uit bed te zijn. Uit onderzoek weten we dat u hierdoor veel sneller herstelt en veel minder bijkomende klachten (complicaties) krijgt. De fysiotherapeut helpt u bij het bewegen. Ook is het goed om veel (10 glazen) te drinken en kleine porties te eten. Als u zelf kunt lopen, voldoende eet en geen koorts heeft, mag u naar huis.

Weer thuis

U gaat meestal naar huis met een blaaskatheter. U krijgt een startpakket mee om deze katheter te verzorgen. U kunt met de katheter gewoon douchen.

Katheter verwijderen

Na ongeveer een week komt u naar de polikliniek Urologie om de blaaskatheter te laten verwijderen. Ook de hechtingen worden dan verwijderd. Tijdens deze afspraak hoort u ook de uitslag van het weefselonderzoek. Soms maken we bij het verwijderen van de katheter een foto van de blaas (mictiecystogram). Zo zien we of de verbinding tussen plasbuis en blaas lekt.

Urineverlies

Veel mannen hebben na de operatie last van urineverlies (incontinentie). Meestal gaat dit over. De bekkenfysiotherapeut kan helpen met het trainen van de bekkenbodemspieren. Bij blijvend urineverlies kunt u met de uroloog de mogelijke oplossingen bespreken.

Impotentie

De operatie heeft invloed op uw seksleven. Bij het verwijderen van de prostaat kunnen zenuwen die voor een erectie zorgen, beschadigd raken. Soms is dit tijdelijk. Ook andere klachten tijdens het vrijen komen voor. U kunt dit altijd bespreken met de verpleegkundig casemanager tijdens de controleafspraken. Zij weet veel van dit onderwerp en vinden niets vreemd.

Leefregels

De periode na de operatie is het belangrijk om actief te blijven. Forceer hierbij niets en luister naar de grenzen van uw lichaam. Die zijn voor iedereen anders. Verder mag u 6 weken niet fietsen, tillen of zwaar werk doen.

Bij koorts, ontstekingen van de wond of klachten met het naar de wc gaan kunt u contact opnemen uw huisarts.

 

Praktische informatie Voor u

Urologie (polikliniek)
Op werkdagen van 8.00 tot 16.00 uur.
Tel.: (050) 524 6920
Routenummer: 2.5

Specialisme: Prostaatkanker Urologie

Deze website plaatst cookies. Dit doen we om onze site gebruiksvriendelijker te maken, onder andere door analyse van het bezoekersgedrag. Maar je blijft anoniem. Als je verder surft, accepteer je onze cookies.