Aan het laden
  1. Home
  2. Behandelingen en onderzoeken
  3. Epilepsie (diagnostisch onderzoek)

Epilepsie (diagnostisch onderzoek)

In overleg met uw huisarts of behandelend specialist heeft u een afspraak op de polikliniek Neurologie, omdat het vermoeden bestaat dat u epilepsie heeft.

Polikliniek

U kunt aanleg voor epilepsie hebben, daarnaast kunnen bepaalde factoren een epileptische aanval uitlokken, zoals gebrek aan nachtrust, lichtflitsprikkeling, alcohol, een ernstige ziekte of koorts. Deze ziekte kan veroorzaakt worden door een afwijking of beschadiging in de hersenen, maar dat is meestal niet het geval.

Tijdens uw eerste bezoek op de polikliniek stelt de neuroloog vragen over uw medische voorgeschiedenis en informeert naar de details van een aanval. Belangrijk hierbij is het verhaal van iemand die een aanval heeft gezien. Ook beelden - bijvoorbeeld vastgelegd met mobiele telefoon - zijn waardevol. Afhankelijk van uw gezondheidssituatie en klachten zal de neuroloog u diverse vervolgonderzoeken voorstellen.

Dagdiagnostiek

Soms vindt op verzoek van de neuroloog, het vervolgonderzoek en het consult bij de neuroloog en verpleegkundig consulent Epilepsie op één dag plaats. Dit heet Dagdiagnostiek Epilepsie.

Vervolgonderzoek

De belangrijkste onderzoeksmethoden voor de diagnose van epilepsie zijn:

  • Het maken van een hersenfilmpje (EEG); dit onderzoek vindt plaats op de onderzoeksafdeling Klinische Neurofysiologie. Als het EEG onvoldoende informatie geeft, kan de neuroloog besluiten een EEG na slaaponthouding te laten maken.
  • Een MRI-scan van de hersenen: een MRI (Magnetic Resonance Imaging) of ‘magneetscan’ is een onderzoekstechniek waarbij met behulp van een magnetisch veld beelden gemaakt kunnen worden van doorsneden van het menselijk lichaam. Dit onderzoek vindt plaats op de afdeling Radiologie.

Uitslag

Als de uitslagen van de vervolgonderzoeken bekend zijn, volgt een gesprek met de neuroloog. Dat is gemiddeld één week na uw laatste onderzoek. De neuroloog bespreekt met u de bevindingen, de diagnose en de behandeling.

Behandelingen

Epilepsie is meestal met medicijnen, anti-epileptica, goed te behandelen. De dosering van de medicijnen wordt langzaam verhoogd totdat uw aanvallen ophouden. Mocht u te veel last krijgen van bijwerkingen, dan zal de neuroloog de dosering verlagen of andere medicijnen voorschrijven. Uw arts houdt bij de dosering ook rekening met andere medicijnen die u gebruikt.

Bij gebruik van anti-epileptica wordt 75% van de patiënten aanvalsvrij; 15% houdt aanvallen, maar wel minder vaak en/of minder heftig; 10% reageert niet of nauwelijks op de huidige medicijnen. Medicijnen kunnen de epilepsie zelf niet genezen. Wanneer medicijnen bij u geen uitkomst bieden, kan in enkele gevallen een operatie helpen. Na de operatie zal over het algemeen het aantal aanvallen verminderen.

Autorijden

Voor mensen met epilepsie zijn landelijke richtlijnen opgesteld voor autorijden. Wanneer de diagnose epilepsie gesteld is, mag u in de regel een jaar lang geen personenauto besturen. Het CBR  stelt vast welke termijn voor u precies geldt. Voor een bus- of vrachtautorijbewijs gelden veel strengere regels.

Versie: 12 februari 2020

Praktische informatie Voor u

Deze website plaatst cookies. Dit doen we om onze site gebruiksvriendelijker te maken, onder andere door analyse van het bezoekersgedrag. Maar je blijft anoniem. Als je verder surft, accepteer je onze cookies.