Verwijderen van de lymfeklieren in het kleine bekken

Delen via , of LinkedIn of Mail.

Wat is het?

Verwijderen lymfeklieren in kleine bekken, meestal via buiksnede
Om hele kleine uitzaaiingen prostaatkanker op te sporen
Opnameduur: 5-7 dagen

Onze kwaliteit

  • Veel ervaring met deze operatie
  • Uitslag weefselonderzoek nog tijdens opname

Voorbereiding

De uroloog heeft met u besproken dat de lymfeklieren in het kleine bekken verwijderd moeten worden. Deze operatie wordt pelviene lymfeklierdissectie genoemd. De operatie wordt uitgevoerd om te beoordelen of de tumor beperkt is gebleven tot de prostaat of dat er kankercellen naar de lymfeklieren zijn uitgezaaid. De uroloog verwijdert de lymfeklieren via een snede in de onderbuik.

Voorafgaand aan de operatie heeft u een afspraak voor het preoperatief spreekuur op de polikliniek Anesthesiologie. Via de Opnameplanning ontvangt u informatie over de datum en tijd van opname in het ziekenhuis. 

Opnamedag

U wordt een dag voorafgaand aan de operatie opgenomen op de verpleegafdeling Urologie. Op de opnamedag meldt u zich bij de receptie in de centrale hal van het ziekenhuis. Daarna gaat u naar de verpleegafdeling. Op de afdeling krijgt u van een verpleegkundige informatie over de gang van zaken rondom de operatie. Ook krijgt u een rondleiding over de afdeling. Verder neemt de verpleegkundige de papieren nog eens met u door die tijdens het preoperatief spreekuur zijn ingevuld. Tijdens dit gesprek hoort u ook het (verwachte) tijdstip waarop de operatie zal plaatsvinden.

Verder wordt bloed voor onderzoek bij u afgenomen. De verpleegkundige zal u ook scheren (van tepelhoogte tot en met schaamhaar) en laxeren door middel van een klysma (reinigen van de endeldarm). Tijdens de gehele opname krijgt u elke avond een injectie in het bovenbeen om de vorming van een bloedpropje in de bloedvaten (trombose) te voorkomen.

Nuchter zijn
Voor deze operatie moet u nuchter zijn.

Operatie

Op de operatiedag blijft u in bed. U mag zo nu en dan een slokje water of thee. Van de verpleegkundige krijgt u ‘s ochtends de medicatie die u moet innemen voor de operatie. De soort en hoeveelheid medicijnen zijn vastgesteld door de anesthesioloog. Het is mogelijk dat u thuis andere of meer/minder medicatie gebruikt. Ongeveer een uur voor de operatie trekt u, eventueel met hulp van de verpleegkundige, een operatiehemd aan. U krijgt daarna een slaaptablet. Als u een gebitsprothese (zoals een kunstgebit) draagt, doet u deze uit. Eventuele sieraden en een horloge doet u ook af. De verpleegkundige rijdt u daarna in uw bed naar de operatiekamer.

De anesthesioloog brengt voorafgaand aan de operatie – naast de toediening van de narcose – meestal ook nog een dun slangetje in uw rug aan. Via deze ruggenprik (epidurale anesthesie) krijgt u tijdens en na de operatie continu pijnstillers toegediend.

De uroloog maakt een verticale snee van de bovenrand van het bekken tot onder aan de navel in uw onderbuik. Door de ontstane opening in de onderbuik zoekt de uroloog de lymfeklieren op en verwijdert deze. De verwijderde klieren worden opgestuurd naar het pathologisch anatomisch laboratorium voor weefselonderzoek.

Na de operatie

Als de operatie achter de rug is, wordt u naar de recovery (uitslaapkamer) gebracht. De verpleegkundige belt dan uw contactpersoon. Uw bloeddruk, zuurstofgehalte en urineproductie worden regelmatig gemeten. Als alles goed onder controle blijft, mag u terug naar de afdeling. Een verpleegkundige van de afdeling Urologie haalt u dan weer op. Op dat moment heeft u verschillende slangen in uw lichaam:

  • Een infuus in uw arm voor het toedienen van vocht en eventueel medicijnen. Dit wordt verwijderd zodra u weer gewoon kunt eten en drinken.
  • Een epidurale katheter in de rug voor pijnbestrijding. Deze vorm van pijnbestrijding wordt na drie dagen gestopt en dan wordt de katheter verwijderd.
  • Een blaaskatheter die via de plasbuis urine afvoert uit de blaas. De blaaskatheter wordt verwijderd nadat de epidurale pijnbestrijding is gestopt. Als u geen epidurale pijnbestrijding heeft, wordt de blaaskatheter in principe de eerste dag na de operatie verwijderd.
  • Een of twee wonddrains nabij de operatiewond voor het afvoeren van wondvocht.

Als u pijn heeft of misselijk bent, kunt u dit melden aan de verpleegkundige. U kunt dan medicijnen krijgen.

Dagen na de operatie

De verpleegkundige helpt u bij de lichamelijke verzorging. De wond wordt bekeken en alle slangen worden in de gaten gehouden. Met behulp van de verpleegkundige probeert u op de rand van het bed te zitten en eventueel in de stoel. Uw bloeddruk, pols en temperatuur worden gemeten en de uroloog komt bij u langs. U kunt dan uw vragen stellen. De dag na de operatie heeft u een vloeibaar dieet. Er wordt ook opnieuw bloed bij u afgenomen. Verder geldt: neem uw rust.

Het dieet zal geleidelijk worden uitgebreid. Dit hangt af van eventuele misselijkheid en of uw darmen alweer op gang komen. Het opstaan wordt steeds verder uitgebreid. Ook worden de slangen in uw lichaam verwijderd.

Ontslag

Afhankelijk van uw herstel mag u ongeveer vijf dagen na de operatie naar huis. U krijgt een afspraak mee bij de uroloog voor de uitslag van het weefselonderzoek van de verwijderde lymfeklieren. De eerste vier weken is het verstandig om het kalm aan te doen en op tijd rust te nemen. Dit betekent:

  • geen zwaar huishoudelijk werk en niet zwaar tillen;
  • op tijd rust nemen;
  • alleen in bad gaan als de wond goed genezen is.

Het is wel aan te bevelen om dagelijks een stuk te wandelen. Langdurig op bed liggen of in de stoel zitten is niet goed voor het herstel en kan leiden tot trombose. Moeheid na de operatie is een bekend verschijnsel. Dit verdwijnt vaak binnen enkele weken.

Wanneer contact opnemen met uw huisarts

  • Als u koorts krijgt, die langer dan 48 uur hoger is dan 38,5˚C.
  • Bij een zwelling van de onderbuik of aanhoudende pijn in de onderbuik