Opheffen vernauwing blaashals

Delen via , of LinkedIn of Mail.

Wat is het?

Vernauwing blaashals opheffen
Wegsnijden blaashalsweefsel
Opnameduur: 3 tot 5 dagen
Verpleegafdeling Urologie

Onze kwaliteit

  • Ervaren urologen
  • Holmium Laserbehandeling mogelijk

Wachttijd

Voorbereiding

In overleg met de uroloog maakt u een afspraak voor het opheffen van de vernauwing in de blaashals. Dit gebeurt met een kijkoperatie via de plasbuis (urethra). Deze operatie gebeurt onder algehele narcose of via verdoving met een ruggenprik. U verblijft gemiddeld 3 tot 5 dagen op de verpleegafdeling Urologie.

Binnen 1 tot 3 maanden voor de operatie stuurt de afdeling Opnameplanning u een oproep voor een vooronderzoek: het preoperatief spreekuur

Opname

Op de dag van de operatie komt u nuchter naar het ziekenhuis. Dat wil zeggen dat u vanaf 24 uur ’s nachts niets meer mag eten en drinken. ’s Ochtends neemt u wel met een slokje water de medicijnen in die u op voorschrift van de anesthesioloog moet gebruiken.

Het kan zijn dat u in overleg een dag eerder voor opname naar de verpleegafdeling komt. Dan zorgt de verpleegkundige ervoor dat u nuchter bent voor de operatie. Op de operatiedag (en op de dagen erna) geeft de verpleegkundige u een injectie ter voorkoming van trombose en een antibioticum in tabletvorm ter voorkoming van een blaasontsteking. Een uur voor de operatie kleedt u zich uit. U trekt een operatiejasje en sokken aan, doet uw eventuele gebitsprothese uit en sieraden af en gaat in bed liggen. De verpleegkundige geeft u een slaaptablet ter voorbereiding op de verdoving en brengt u met uw bed naar de operatieafdeling.

Operatie

Afhankelijk van wat met u is afgesproken, geeft de anesthesioloog u een ruggenprik of krijgt u algehele narcose. 

De uroloog brengt eerst via de plasbuis een kijkbuis in die aangesloten is op een camera en een monitor. De uroloog maakt de plasbuis weer doorgankelijk. Daarna wordt een katheter in uw plasbuis ingebracht. Dit is een slangetje dat de urine uit de blaas afvoert uit het lichaam naar een opvangzak. De katheter zit met een ballonnetje in uw blaas en kan er dus niet spontaan uitgaan.

Na de operatie

Na de operatie gaat u naar de uitslaapkamer waar u enkele uren verblijft voor controle van uw hartslag en bloeddruk. Wanneer alle controles in orde zijn, mag u naar de verpleegafdeling. U heeft dan nog wel een infuus en een katheter. Terug op uw kamer mag u weer normaal eten en drinken.

De dag na de operatie neemt een laborant wat bloed bij u af om te bepalen of u veel bloed verloren heeft tijdens en na de operatie. Als de uitslag van het bloedonderzoek goed is, u niet misselijk bent en extra kunt drinken, verwijdert de verpleegkundige het infuus.

De katheter blijft 3 tot 5 dagen zitten. Als de katheter verwijderd is, kunt u weer zelf plassen. Dit doet u niet op de wc maar in een urinaal. Zo kan de verpleegkundige zien of u voldoende plast en hoe de urine eruit ziet. Als het plassen goed gaat mag u, na overleg met de uroloog, naar huis. Meestal is dat na 3 tot 5 dagen.

Nazorg

Wanneer u weer thuis bent, is het belangrijk dat u veel drinkt. Minimaal 2 liter vocht per dag. Bij ontslag uit het ziekenhuis krijgt u een recept mee voor een antibioticumkuur. Deze kuur moet u helemaal afmaken.

Nabehandeling

Soms moet u zichzelf katheteriseren om de plasbuis doorgankelijk te houden. Als dit nodig is, krijgt u een afspraak hiervoor.

Ongeveer 6 weken na de operatie heeft u op de polikliniek Urologie een controleafspraak. U dient met een volle blaas naar de afspraak te komen. Op de polikliniek plast u uit op een speciale wc. Deze wc meet en registreert automatisch de hoeveelheid urine, de tijdsduur en de sterkte van de straal waarmee u plast (flowmetrie).