CT-scan met hydratieprotocol

Delen via , of LinkedIn of Mail.

Wat is het?

Organen/structuren in beeld brengen
Op de afdeling Dagbehandeling en Radiologie
Duur: 1 dag

Onze kwaliteit

  • Kwalitatief hoogwaardige apparatuur.
  • Korte toegangstijd.
  • Lage stralingsdosis.

Voorbereiding

In overleg met uw behandelend specialist of huisarts maakt u een afspraak voor een CT-scan (computertomografie). Dit onderzoek vindt plaats op de afdeling Radiologie. Een CT-scanner werkt met dezelfde röntgenstralen als een ‘gewone’ röntgenfoto. De CT-scanner maakt dwarsdoorsneden van het lichaam, waardoor de arts als het ware plakjes van het lichaam ziet. Als alle gefotografeerde plakjes achter elkaar worden gelegd, ontstaat er een driedimensionaal beeld van –een deel van- het lichaam.

Bij dit onderzoek wordt een contrastmiddel gebruikt dat schadelijk kan zijn voor de nierfunctie. Bij het ouder worden neemt de nierfunctie bij ieder mens geleidelijk af. Dat is niets om u zorgen over te maken. Echter door contrastmiddel kan de nierfunctie opeens sneller verslechteren. Hiervoor wordt u één dag opgenomen op de afdeling Dagbehandeling.

In de 12 uur voor het onderzoek wordt u gevraagd minimaal 1 liter te drinken. Bij een CT-scan van de buik dient u de laatste 2 uur voor het onderzoek nuchter te blijven. Dit betekent dat u niets mag eten en drinken. De voor u noodzakelijke medicijnen mag u innemen met wat water. Bij een CT-scan van iets anders dan de buik mag u de laatste 2 uur voor het CT-onderzoek wel drinken maar niets eten.

Let op

  • Indien u overgevoelig bent voor jodiumhoudende contrastmiddelen, meldt u dit dan voor het onderzoek aan de laborant(e).
  • De contrastvloeistof kan diarree veroorzaken dus is het verstandig om extra ondergoed mee te nemen.
  • Als u een A.P.-stoma heeft, wilt u dit dan van tevoren aan de laborant melden? Op de dag van het onderzoek neemt u een extra zakje mee naar het ziekenhuis.
  • Als u zwanger bent, kan het onderzoek mogelijk niet plaatsvinden. Neem zo spoedig mogelijk contact op met de afdeling Radiologie.

Medicijngebruik rond het CT-onderzoek
De voor u noodzakelijke medicijnen mag u innemen met wat water. Indien u diuretica (‘plas”-medicatie) of NSAID* medicatie gebruikt, wordt u verzocht dit niet in te nemen op de ochtend van het onderzoek. Na het onderzoek kunt u uw medicatie innemen zoals u gewend bent.

* celecoxib, diclofenac, etoricoxib, ibuprofen, indometacine, meloxicam, naproxen, piroxicam.

Diabetes instructie
Indien u nuchter moet zijn voor het onderzoek, kunt u ’s ochtends uw insulinemedicatie aanpassen door de kortwerkende insuline over te slaan en alleen de langwerkende insuline te spuiten op geleide van uw bloedsuikergehalte. Indien u een mix-insuline gebruikt, kunt u een derde van uw gebruikelijke dosis spuiten. Na het onderzoek mag u direct weer eten en eventueel de kortwerkende insuline spuiten zoals u gewend bent op geleide van uw bloedsuikergehalte. Wilt u uw eigen bloedsuikermeter meenemen?

Onderzoek

Op de afgesproken tijd meldt u zich bij de balie van de afdeling Dagbehandeling 3H. Ongeveer 2 uur na de opname vindt de CT-scan plaats. Nadat u zich gemeld heeft bij de balie Dagbehandeling mag u plaatsnemen in een relax-stoel of bed. U krijgt een infuus ingebracht dat ongeveer 1 uur voor het onderzoek moet lopen om de nieren voldoende te spoelen. Eventueel wordt er bloed afgenomen om op dat moment uw nierfunctie nogmaals te bepalen. Indien nodig krijgt u op de dagbehandeling een contrastmiddel voor het CT-scan te drinken.

U wordt op het juiste tijdstip vanuit de afdeling Dagbehandeling naar de wachtkamer van de CT begeleid. Vanuit de wachtkamer wordt u opgeroepen door de laborant die u naar de kleedkamer zal begeleiden.

Sieraden doet u voor het onderzoek af. De laborant vertelt u of en welke kledingstukken u uit moet doen. U mag geen kleding dragen met metalen onderdelen omdat deze de straling tegenhouden en de opnames verstoren.

Tijdens het onderzoek ligt u op een onderzoekstafel. De laborant schuift deze tafel langzaam door de opening (ring) van de CT-scanner die aan de voor- en achterzijde open is. Het is belangrijk dat u zo stil mogelijk blijft liggen omdat bewegingen de opnames kunnen verstoren. De laborant bedient de apparatuur vanuit de bedieningsruimte naast de onderzoeksruimte. Tijdens de opname hoort u de röntgenbuis en de apparatuur in de CT-scanner om u heen draaien. De laborant ziet u tijdens het onderzoek door het venster en heeft contact met u door middel van de intercom. Als het onderzoek klaar is, wordt u weer uit de ring geschoven en kunt u uw kleding weer aantrekken. Het CT-onderzoek duurt ongeveer 15 minuten.

Na het onderzoek

U mag direct na het onderzoek weer eten en drinken, wat u krijgt aangeboden op de afdeling Dagbehandeling. U drinkt in de 12 uur na het onderzoek minimaal 1 liter vocht naast het infuus dat u nog gedurende 6 uur toegediend krijgt. Dit moet er voor zorgen dat het contrastmiddel zo snel mogelijk uitgespoeld wordt, zodat het de nierfunctie niet kan aantasten.

Ter controle van de nierfunctie laat u minimaal 2 en maximaal 5 dagen na het onderzoek bloed prikken. Dit mag gewoon in uw woonplaats, maar kan ook bij het Bloedafnamelaboratorium in het Martini Ziekenhuis. U krijgt hiervoor een laboratorium-briefje mee van de verpleegkundige van de Dagbehandeling.

Indien er geen bijzonderheden zijn bij de nacontrole van de nierfunctie, zult u er niets van horen. Alleen indien nodig neemt uw huisarts, de verpleegkundig specialist Nefrologie of de internist-nefroloog van het ziekenhuis contact met u op.

Vragen

Heeft u nog vragen over de CT-scan, dan kunt u bellen met het secretariaat van de afdeling Radiologie.
Zijn er nog vragen over de dagopname dan kunt u bellen met het secretariaat van de afdeling Dagbehandeling.
Indien u nog vragen heeft over het hydratie-protocol kunt u bellen met de verpleegkundig specialist Nefrologie tel. (050) 524 7271 of het secretariaat van de polikliniek Interne Geneeskunde.

Uitslag

De uitslag van het onderzoek krijgt u van de specialist of de huisarts die het onderzoek heeft aangevraagd.