Zorgpad Handartrose

Delen via , of LinkedIn of Mail.

Wat is het?

Multidisciplinaire behandeling bij artrose aan de hand op de polikliniek Revalidatiegeneeskunde, Orthopedie, Plastische Chirurgie of Reumatologie

Onze kwaliteit

  • Optimale afstemming tussen behandelaars
  • Geen onnodige tussentijdse wachttijden

Wachttijd

Aandoening

Handartrose is een aandoening die kan ontstaan in de vingergewrichten en in de duimbasis. Bij artrose (degeneratieve artritis) verandert de hoeveelheid en kwaliteit van het kraakbeen tussen de botten en ontstaan er pijnklachten. Een eerdere breuk of een verstuiking van een gewricht kan de kans op artrose (op latere leeftijd) vergroten. Ook spelen intensief handgebruik, overgewicht en erfelijke factoren een rol bij het ontstaan van artrose. Slijtage van de vingergewrichten komt meestal voor aan de wijs- en ringvinger. Aan de duim komt de artrose voor aan de duimbasis. Tot slot kan er artrose optreden aan de pinkzijde van de hand, tussen de twee kleine handwortelbeentjes.

Symptomen en klachten

De eerste symptomen van artrose zijn pijnklachten. De pijn treedt op bij bewegen en zwaarder belasten. Naarmate de ziekte verergert, nemen de pijnklachten toe. De vingers worden minder soepel en een gewricht kan rood en gezwollen raken. Er treedt krachtsverlies op en handactiviteiten worden lastiger. Zo is bijvoorbeeld voor de vingers het buigen en tillen lastig en voor de duim het openen van potjes en iets vastpakken tussen duim en wijsvinger.

Start zorgpad

Bij het onderzoek en de behandeling van handartrose kunnen verschillende specialismen betrokken zijn. Zij werken intensief samen. U bent door uw huisarts verwezen naar een van deze specialismen.

Om de samenwerking goed te laten verlopen, zijn de stappen in het diagnose- en behandeltraject op elkaar afgestemd. Wij noemen dit het ‘zorgpad handartrose’

Nadat de diagnose artrose is gesteld, leggen we uit wat dit voor u betekent. We bekijken wat de gevolgen van de aandoening zijn in het dagelijks functioneren en hoe wij u hierin kunnen begeleiden. Voor een deel van de patiënten is dit voldoende en volgt er niet direct verdere begeleiding.

Behandeling zonder operatie

Begeleiding kan wenselijk zijn. Dan is handtherapie mogelijk, individueel of in groepsverband. Gewricht beschermende adviezen en -maatregelen komen aan de orde, gericht op huishoudelijke activiteiten, werk en hobby’s. We besteden aandacht aan het behouden van de gewrichtsfuncties door oefentherapie. Ook beoordelen we individueel of spalkbehandeling wenselijk is.

U krijgt pijnmedicatie voorgeschreven. Paracetamol is hierbij de eerste keus. Bij ernstige pijnklachten kunt u een injectie krijgen met een ontstekingsremmend medicijn (corticosteroïde) en een plaatselijke verdoving.

Operatie

Afhankelijk van de plek waar de artrose in uw hand zit, zijn er verschillende operaties mogelijk. De meest voorkomende operatie is het verwijderen van het handwortelbeentje.

Eén tot drie maanden voor de operatie krijgt u een afspraak voor het preoperatief spreekuur. Bij de operatie wordt meestal alleen de betreffende arm verdoofd. Eventueel krijgt u nog een slaapmiddel.

Door het verwijderen van het handwortelbeentje wordt het schuren van de botten over elkaar voorkomen. De bewegelijkheid van de duim blijft daarbij zoveel mogelijk behouden. Op de plaats van het verwijderde beentje laat de arts een stukje pees uit uw onderarm achter. Na het hechten van de wond krijgt u een gipsspalk.

Nadat u weer gevoel heeft in uw arm en hand, mag u weer naar huis.

Nazorg operatie

Na het verwijderen van een handwortelbeentje is het volgende goed om te weten.


  • Als u pijn heeft mag u een paracetamol nemen.

  • De eerste week is het belangrijk om u uw arm in de draagdoek te dragen.

  • Houd u hand af en toe boven uw hoofd en maak vijf keer per dag een vuist en strek de vingers goed uit.

  • Houd uw gipsspalk droog; gebruik bij douchen of baden een plastic zak om uw hand.


Na drie weken wordt de gipsspalk verwijderd en wordt een afneembare brace aangemeten. Ook worden de hechtingen verwijderd. Aansluitend heeft u een afspraak met de handtherapeut; u krijgt informatie over het verdere verloop van de revalidatie en oefeninstructies. Zes weken na de operatie heeft u een controleafspraak bij de arts op de polikliniek.