Diagnostisch onderzoek epilepsie

Delen via , of LinkedIn of Mail.

Wat is het?

Diverse vervolgonderzoeken
Na 2-3 weken volgt de diagnose
Vaak behandeling met medicijnen

Onze kwaliteit

  • Patiënten beoordelen onze zorg gemiddeld met een 8
  • Verpleegkundig consulent Epilepsie
  • Ontwikkeld in samenwerking met patiëntenorganisaties

Wachttijd

Polikliniek

In overleg met uw huisarts of behandelend specialist heeft u een afspraak op de polikliniek Neurologie, omdat het vermoeden bestaat dat u epilepsie heeft. U kunt aanleg voor epilepsie hebben, daarnaast kunnen bepaalde factoren een epileptische aanval uitlokken, zoals gebrek aan nachtrust, lichtflitsprikkeling, alcohol, een ernstige ziekte of koorts. Deze ziekte kan veroorzaakt worden door een afwijking of beschadiging in de hersenen, maar dat is meestal niet het geval.

Tijdens uw eerste bezoek op de polikliniek stelt de neuroloog vragen over uw medische voorgeschiedenis en informeert naar de details van een aanval. Belangrijk hierbij is het verhaal van iemand die een aanval heeft gezien. Ook beelden - bijvoorbeeld vastgelegd met mobiele telefoon - zijn waardevol. Afhankelijk van uw gezondheidssituatie en klachten zal de neuroloog u diverse vervolgonderzoeken voorstellen.

Dagdiagnostiek

Soms vindt op verzoek van de neuroloog, het vervolgonderzoek en het consult bij de neuroloog en verpleegkundig consulent Epilepsie op één dag plaats. Dit heet Dagdiagnostiek Epilepsie.

Vervolgonderzoek

De belangrijkste onderzoeksmethoden voor de diagnose van epilepsie zijn:

Uitslag

Als de uitslagen van de vervolgonderzoeken bekend zijn, volgt een gesprek met de neuroloog. Dat is gemiddeld één week na uw laatste onderzoek. De neuroloog bespreekt met u de bevindingen, de diagnose en de behandeling.

Behandelingen

Epilepsie is meestal met medicijnen, anti-epileptica, goed te behandelen. De dosering van de medicijnen wordt langzaam verhoogd totdat uw aanvallen ophouden. Mocht u te veel last krijgen van bijwerkingen, dan zal de neuroloog de dosering verlagen of andere medicijnen vooschrijven. Uw arts houdt bij de dosering ook rekening met andere medicijnen die u gebruikt.

Bij gebruik van anti-epileptica wordt 75% van de patiënten aanvalsvrij; 15% houdt aanvallen, maar wel minder vaak en/of minder heftig; 10% reageert niet of nauwelijks op de huidige medicijnen. Medicijnen kunnen de epilepsie zelf niet genezen. Wanneer medicijnen bij u geen uitkomst bieden, kan in enkele gevallen een operatie helpen. Na de operatie zal over het algemeen het aantal aanvallen verminderen.

Autorijden

Voor mensen met epilepsie zijn landelijke richtlijnen opgesteld voor autorijden. Wanneer de diagnose epilepsie gesteld is, mag u in de regel een jaar lang geen personenauto besturen. Het CBR stelt vast welke termijn voor u precies geldt. Voor een bus- of vrachtautorijbewijs gelden veel strengere regels.