Inbrengen van een nierdrain

Delen via , of LinkedIn of Mail.

Wat is het?

Via de huid wordt met behulp van echografie en röntgenstralen een afvoerslangetje geplaatst in het urineopvangsysteem van de nier.

Onze kwaliteit

  • Nauwe samenwerking met urologen en nefrologen

Voorbereiding

Een urinedrain of nefrostomiekatheter zorgt voor de urineafvoer uit de nier naar buiten toe. Bijvoorbeeld als de doorgang van urine tussen nier en blaas gehinderd wordt.

In overleg tussen uw hoofdbehandelaar en de interventieradioloog wordt bepaald of u in aanmerking komt voor een nefrostomiekatheter. Als u in aanmerking komt voor deze behandeling, kunt u een afspraak maken telefonisch of bij het secretariaat van de afdeling Radiologie. In het geval dat u al bent opgenomen in het Martini Ziekenhuis, zal de verpleegkundige of secretaresse van de afdeling waar u in behandeling bent deze afspraak voor u maken.

Als u zwanger bent, kan het onderzoek waarschijnlijk niet plaatsvinden. Neem zo spoedig mogelijk contact op met de afdeling Radiologie.

Opname

Meestal verblijft u als patiënt al in het ziekenhuis. Bent u nog niet in het ziekenhuis opgenomen, wordt u op de dag van de behandeling opgenomen. Houd dan rekening met één overnachting in het ziekenhuis. Uw hoofdbehandelaar maakt de inschatting over de duur en voorwaarden van de opname.

Als u bloedverdunners gebruikt of als u een verhoogde kans op nierfunctiestoornissen heeft, krijgt u een bloedonderzoek. Dit is om de dikte van uw bloed en om uw nierfunctie te meten. Ook krijgt u voor het onderzoek antibiotica om het risico op infectie zo laag mogelijk te houden.

Behandeling

Een kwartier voor het onderzoek wordt u in een bed naar de afdeling interventieradiologie gebracht. Hier maakt u kennis met de radiodiagnostisch laboranten (meestal 2) en de interventieradioloog. De ingreep vindt plaats onder steriele omstandigheden.

Tijdens de behandeling ligt u op de buik op de behandeltafel. Uw rug wordt gedesinfecteerd en afgedekt met een steriel laken. U wordt lokaal verdoofd. Met behulp van een echoapparaat brengt de interventieradioloog uw nier in beeld  en plaatst hij een naald in het urineopvangsysteem van uw nier . Dit kan een ongemakkelijk gevoel geven. Via de naald wordt een draad in uw nier gebracht. De positie van de draad wordt gecontroleerd met röntgenstralen (doorlichting). Wanneer de draad goed ligt, wordt een slangetje(drain) over de draad opgeschoven tot in het urineverzamelsysteem. Tussentijds wordt de positie van de drain regelmatig gecontroleerd. Als de drain definitief goed ligt wordt deze meestal vastgehecht (soms niet wanneer er wordt verwacht dat u de drain voor een langere duur zal moeten houden). Daarnaast wordt de drain in de nier verankerd (gelocked). De drain wordt op de huid vastgeplakt met een daarvoor speciaal vervaardigde pleister. Het geheel wordt bedekt met wondgazen. De drain wordt aangesloten op een katheterzak.

Na de behandeling

U komt na afloop weer in bed te liggen wordt u opgehaald en naar de afdeling teruggebracht. Het is niet ongebruikelijk dat vlak na de behandeling de urine roze of rood van kleur is. Dit zal na enkele uren normaliseren. Het nazorgtraject wordt begeleid door uw hoofdbehandelaar samen met de afdelingsverpleegkundigen. Dit houdt in dat uw bloedruk en de wond worden gecontroleerd, net als de bloedwaarden van uw nierfunctie. Ook zal de hoofdbehandelaar met u eventuele controles afspreken. Bij uw ontslag bespreekt de hoofdbehandelaar de leefregels met u. De interventieradioloog is op de achtergrond altijd aanwezig voor eventueel overleg.