Implantatie ICD/CRT-D

Delen via , of LinkedIn of Mail.

Wat is het?

Plaatsing van apparaatje onder de huid bij levensbedreigende, onvoorspelbare ritmestoornissen en niet gelijktijdig samentrekken van de kamers van het hart.
3 dagen opname

Onze kwaliteit

  • Patiënten beoordelen onze zorg gemiddeld met een 8,5

Wachttijd

Voorbereiding

De cardioloog heeft met u besproken dat u een ICD of CRT-D nodig heeft. Ter voorbereiding heeft u een gesprek met een verpleegkundige en neemt u samen het ICD-informatieboek door.

De ICD/CRT-D wordt meestal onder het linker sleutelbeen geplaatst. Voor de ingreep verblijft u twee tot drie dagen dagen in het ziekenhuis.

Via de functieafdeling Cardiologie krijgt u een oproep voor opname. Vooraf aan de opnamedag heeft u een afspraak op het preoperatief spreekuur. Ook hoort u welke verdoving u krijgt en wat dit betekent voor het nuchter zijn. Van de cardioloog krijgt u advies over het gebruik van de medicijnen in de periode voor de operatie.

Opname

Op de dag van opname gaat u naar de verpleegafdeling. Er worden diverse controles gedaan: lengte, gewicht, bloeddruk, pols en temperatuur. In de week voor de operatie wordt een ECG (hartfilmpje) en een X-thorax (röntgenfoto van de borst) gemaakt.

De dag voor de operatie wordt bloed geprikt. Een verpleegkundige scheert uw oksels, bovenarmen en borstkas. U krijgt plakkers op uw borst om het hartfilmpje te registreren. Ook krijgt u alvast een infuus in uw linker arm.

Operatiedag

De cardioloog heeft met u besproken aan welke kant u de ICD/CRT-D krijgt. De operatie vindt plaats onder algehele of plaatselijke verdoving. Welke verdoving u krijgt, heeft de cardioloog ook vooraf met u besproken.

Lokale verdoving
Operatie ’s ochtends: U bent vanaf middernacht nuchter. U krijgt wel uw gewone medicatie met uitzondering van plastabletten en/of Metformine als u die normaal gesproken gebruikt.

Insuline afhankelijke diabetespatiënten die om 8.00 uur een ICD/CRT-D-implantatie ondergaan mogen geen insuline spuiten.

Operatie na 8.00 uur: U mag insuline spuiten. U krijgt een infuus volgens afspraak met de arts/internist. 

Operatie 's middags:  U moet nuchter zijn na 8.00 uur. U kunt wel uw normale medicatie innemen, behalve Metformine als u dat gebruikt.

Algehele verdoving
U moet nuchter zijn vanaf 24.00 uur.

Een halfuur voor de implantatie krijgt u een tablet om te ontspannen .Hier kunt u wat slaperig van worden. Voor de operatie doet u uw sieraden af. Als u make-up op heeft, verwijdert u die ook. Het is verder belangrijk om voor de implantatie goed uit te plassen op het toilet. Vervolgens trekt u een OK-hemd aan en doet een OK-muts op. Ondergoed en sokken mag u aanhouden.

Het implantatiegebied wordt met steriele doeken afgedekt en daarna gedesinfecteerd en verdoofd. Daarna wordt de ICD/CRT-D geïmplanteerd. 

Na de operatie

Na de ingreep gaat u weer terug naar de verpleegafdeling. U ligt aan de hartbewaking om uw hartritme in de gaten te houden. De verpleegkundige controleert regelmatig uw pols, bloeddruk, temperatuur en de wond. En er wordt een hartfilmpje gemaakt en zo nodig ook een röntgenfoto van de borst.

Na de operatie moet u 4 uur volledige bedrust houden. U krijgt een mitella om de arm aan de implantatiezijde. Als de ICD onder de huid is geplaatst, gebruikt u de mitella 48 uur. Is de ICD onder de spier geplaatst, dan draagt u de mitella 3 dagen.

Na 4 uur bedrust mag u alleen uit bed voor de postoel. U mag niet op uw rechter zij liggen. De volgende dag mag u uit bed met uw arm in een mitella. Deze arm mag u niet boven schouderhoogte tillen.

Voor ontslag wordt de ICD/CRT-D nog gecontroleerd op de functieafdeling Cardiologie.

Nazorg

Als alle controles goed zijn mag u de dag na ICD/CRT-D-implantatie naar huis. Niet oplosbare hechtingen kunt u tussen de 8e en 10e dag na de implantatie laten verwijderen door de huisarts.

8 weken na ontslag mag u:
- niet met de elleboog van de arm aan de implantatiezijde boven schouderhoogte komen;
- niet teveel met de arm aan de implantatiezijde draaien;
- niet zwaar tillen of zwaar lichamelijke arbeid verrichten;
- geen boodschappen tillen, stofzuigen, dweilen, was ophangen, zagen, etc.

U mag na 2 tot 4 weken na de ingreep wel weer wandelen en fietsen. Bij roodheid, zwelling, pijn of koorts moet u contact opnemen met de huisarts.

U krijgt bij ontslag informatie mee over wondcontrole, wat te doen na een elektrische shock en belangrijke telefoonnummers van het ziekenhuis. Tevens krijgt u afspraken mee voor controle bij de cardioloog en ICD-laborant, cardioconsulent, fietstest en DFT-test.