Behandelingen van brandwonden

Delen via , of LinkedIn of Mail.

Wat is het?

Beoordeling en behandeling van ernstige brandwonden door een team van brandwondenspecialisten

Onze kwaliteit

  • Innovatieve zorg op maat
  • Verificatie door European Burn Association
  • Eén van de drie brandwondencentra in Nederland

Behandeling in 2 fases

Acute fase brandwond
Opereren in de acute fase van een verbranding gebeurt vooral bij brandwonden aan handen en gezicht en bij verbrandingen bij jonge kinderen. De plastisch chirurg werkt dan nauw samen met de algemeen chirurg. Tijdens de operatie verwijdert de plastisch chirurg het dode weefsel in de brandwond en bedekt de wonden met nieuwe huid. Deze nieuwe huid is elders op het lichaam van de patiënt met een speciaal apparaat (een dermatoom) weggeschaafd. Deze donorplaats geneest vanzelf, net als een schaafwond. Als de huidtransplantaten zijn ingegroeid en de wonden genezen, volgt meestal nog nabehandeling met drukkleding. Deze zorgt ervoor dat de littekens platter en bleker worden en dat jeukklachten verminderen. Ook is af en toe fysiotherapie en ergotherapie (onder andere spalken) nodig.

Herstelfase brandwond
In de herstelfase (reconstructieve fase) richt de plastisch chirurg zich op de behandeling van de problemen die optreden na genezing van de brandwonden. Opereren kan nodig zijn voor verbetering van de functie van het aangedane gebied. Daarnaast voor verbetering of verfraaiing van de littekens.

Verbeteren functie verbrande gebied

Na de genezing van een brandwond kunnen gewrichtscontracturen ontstaan. Hierbij is de beweging van een gewricht beperkt door een tekort aan huid. Ook de huid in de hals of van delen van het gezicht (lip, ooglid) kan zo strak trekken dat bewegen slechts beperkt mogelijk is. Huidtransplantaten hebben namelijk de neiging om te krimpen en ze groeien niet goed mee. Dat kan vooral bij kinderen met brandwonden op latere leeftijd problemen opleveren. De plastisch chirurg kan dit probleem verhelpen door nieuwe transplantaten in te voegen op de plek waar de verbrande huid het ‘strakst’ aanvoelt. De plastisch chirurg gebruikt dan bij voorkeur huid van volledige dikte, met name de huid van de liezen, de binnenkant van de bovenarm, de hals en achter het oor. Deze huid is elastischer, krimpt minder en kan meegroeien. De plastisch chirurg hecht de donorplaatsen. Daar blijft slechts een streepvormig litteken achter. Als er niet genoeg ‘volledig dikke’ huid aanwezig is, gebruikt de plastisch chirurg andersoortige huid.

Verbeteren en verfraaien van littekens

Na genezing van een brandwond blijft meestal een ontsierend litteken achter. Met verschillende technieken kan de plastisch chirurg het litteken verbeteren en het uiterlijk ervan verfraaien. Een vaak toegepaste techniek is het in etappes verwijderen van littekens. De plastisch chirurg verwijdert per keer een deel van de brandwond en hecht de wondenranden telkens als een hechtwond. Hierdoor verbetert het litteken en het aangedane gebied verkleint zich. Tussen de operaties in heeft de gezonde huid in de omgeving ongeveer 6 maanden nodig om weer ‘op te rekken’. Daarna kan de plastisch chirurg weer een stukje verwijderen en de procedure herhalen. Ook is het mogelijk een streng of strak litteken in zijn geheel te verwijderen. De chirurg sluit de wond met gezonde huid uit de omgeving die naar de wond geschoven is.
Ter verbetering van een onregelmatig litteken kan de plastisch chirurg dermabrasie toepassen. Hierbij ‘schaaft’ de chirurg een oppervlakkig laagje van de huid, wat het litteken egaler maakt. Een alternatief is lasertherapie. Zeer lichte delen van een litteken zijn te corrigeren met medische tatoeage. Hierbij brengt de plastisch chirurg pigment in het litteken.

Resultaat

De operatieve behandeling van brandwonden kan een verbetering in functie bewerkstelligen en littekens verfraaien. Littekens van brandwonden verdwijnen echter nooit helemaal.